• 18 Feb 2020 09:18 | Pieter Baks

    Alex Wynaendts: 'Het traditionele verzekeringsmodel is verleden tijd voor ons'

    11-02-2020 | Interviewer: Jurgen van Weegen | Auteur: Stefan Vermeulen | Beeld: Gregor Servais

    De transitie van afscheidnemend Aegon-ceo Alex Wynaendts hield gelijke tred met de fases die het concern de afgelopen jaren doormaakte. Van crisismanager ontwikkelde hij zich tot leider die duurzaamheid uitdraagt. ‘Onze boodschap bij iedereen helder krijgen, duurde langer dan ik verwachtte.’

    Hij zit in zijn laatste maanden als ceo van verzekeraar Aegon, maar van een echt afscheidsinterview wil hij nog niets weten: daarvoor heeft Alex Wynaendts nog veel te veel werk te doen. Op 15 mei 2020, tijdens de aandeelhoudersvergadering, zal hij het stokje overdragen aan Lard Friese, die overkomt van NN Group. Wel wil Wynaendts met alle plezier toelichten hoe hij de ontwikkeling van Aegon in de afgelopen jaren heeft beleefd: de intense jaren van de economische crisis en de ingrijpende transitie in de jaren daarna. Wynaendts is met groot gemak de langst dienende bestuursvoorzitter onder de grote financiële concerns in Nederland. ‘Eigenlijk zijn het drie episodes,’ trapt Wynaendts in zijn werkkamer in Den Haag het gesprek af. ‘Tussen 2008 en 2012 was alles erop gericht het bedrijf ongeschonden door de crisis te krijgen, weer een gezonde financiële situatie te creëren. Daarna ging het erom een duurzaam businessmodel te ontwikkelen, zodat Aegon ook over 10, 20 jaar nog bestaat. De derde episode begint nu: die transitie verder uitrollen en verder groeien.’ 

    Wat is in de afgelopen twaalf jaar de belangrijkste verandering geweest?
    ‘In het verleden probeerden we, simpel gezegd, zoveel mogelijk producten via tussenpersonen te verkopen. Dat moest anders, ook omdat het betalen van provisies in Nederland werd verboden. Het werd tijd om te gaan nadenken over onze bestaansreden, onze purpose. Vroeger maakte Aegon alleen producten, vandaag gaat het om het verlenen van een service: we bieden onze klanten financiële zekerheid. Dat vergde een enorme verandering. De klant moest centraal staan en dat betekende dat de hele organisatie daarop aangepast moest worden.’

    In hoeverre was het een worsteling om de organisatie op die manier te vernieuwen?
    ‘Het vinden van de purpose zelf, de klant centraal, was niet zo moeilijk. Zorgen dat het idee gedragen werd door de hele internationale organisatie – in meer dan 20 landen, ook daar waar we nog wel provisies mogen betalen – dat was de grootste zoektocht. Vroeger probeerden we zoveel mogelijk “lampjes” te verkopen, nu willen we ervoor zorgen dat onze klant op elk moment van de dag het juiste licht heeft. Dat vraagt een andere manier van denken. Vroeger waren de eindklanten bij wijze van spreken een polisnummer, nu willen we veel meer van die klanten weten om ze beter van dienst te kunnen zijn. Daarvoor is het nodig de persoonlijke omstandigheden van de klant te leren kennen. Die omschakeling is inmiddels gemaakt, onze financiële balans is versterkt. Nu zijn alle bouwstenen er en moeten we gaan groeien. Daar is de komende tijd alle energie op gericht.’

    Hoe kijken werknemers aan tegen de purpose zoals die nu geformuleerd is?
    ‘Ik vind dat een goed pensioen een recht zou moeten zijn voor iedereen, overal ter wereld. Kijk naar de Verenigde Staten, daar zie je soms mensen van 70, 80 jaar met een dienblad in een restaurant rondsjokken. Die hebben niets geregeld. Wij kunnen mensen helpen zich ervan bewust te worden dat ze iets aan hun pensioen moeten doen. Ook in Nederland is dat veel belangrijker dan vroeger. Voor onze werknemers geldt: alles wat ze doen, moet binnen die purpose vallen. We willen alleen producten aanbieden waar we als concern trots op kunnen zijn. De overgrote meerderheid van onze mensen antwoordt nu “ja” op de vraag of ze onze producten ook aan hun eigen familie zouden verkopen. Dat is een enorme stap geweest.’

    Aegon werkt zowel in landen waar de bedrijven een lange historie hebben zoals Nederland, Groot-Brittannië en de Verenigde Staten (VS) als landen waar Aegon geen historie heeft, zoals in Azië. Hoe werkt dat?
    ‘Een voordeel in Azië is dat je daar geen verleden hebt. Zeker voor een verzekeraar is dat prettig: je hebt geen oude systemen, geen oude polissen die niet zijn geworden wat de klant ervan verwachtte. We zijn daar opnieuw begonnen. In met name China en India hebben we gezegd: laten we niet de bestaande verzekeraars volgen, maar het anders aanpakken. Geen vaste telefonie aansluiten, als het ware, meteen alles mobiel. In China zijn ongeveer vijf miljoen traditionele verzekeringsagenten actief, die bij elke verkochte polis een commissie krijgen. Dat model is verleden tijd voor ons. Aegon werkt via andere kanalen, voornamelijk grote e-commerce-spelers als Ant Financial, een dochterbedrijf van Alibaba. De hoeveelheid klanten die zij hebben, is onvoorstelbaar. Via zulke partijen kunnen wij op een heel moderne manier producten aanbieden in hun gigantische netwerk. We delen informatie over klanten, zodat wij kunnen zien welke producten hun klanten misschien nodig hebben. Afgelopen maand hebben we een nieuwe dienst gelanceerd, die heeft binnen een maand 150.000 klanten opgeleverd.’

    Hoe belangrijk is groei in Azië voor de toekomst van Aegon?
    ‘De groei in Azië is essentieel. In Nederland worden nauwelijks nog levensverzekeringen verkocht. Een levensverzekering is een product dat mensen – althans, hun nabestaanden – op een relatief goedkope manier financiële zekerheid kan bieden. Maar wij hebben hier een van de beste pensioenstelsels ter wereld, we hebben sociale zekerheid, dus hier is er minder vraag naar. Maar in China heeft familie vaak geen dak meer boven het hoofd als de kostwinner iets overkomt. Dat geldt ook voor Amerika. Daar verkopen we dus nog veel levensverzekeringen. Over een aantal jaar zullen klanten in China vermoedelijk meer vraag hebben naar spaarproducten voor de toekomst. En als ze ouder worden, vragen ze weer producten om te ontsparen. Wij bieden dat.’

    Aegon werkt in China niet in een joint venture met een lokaal bedrijf, dat is best uitzonderlijk.
    ‘We hebben ons er heel bewust op gericht met die e-commerce- partijen samen te werken. Dat is nieuw, dat ziet de Chinese overheid ook. In India werken we op dezelfde manier. Daar gaat het misschien niet met dezelfde snelheid, maar ook daar verkopen we 1.000 polissen per dag. Probeer dat maar eens voor elkaar te krijgen als je via tussenpersonen werkt.’

    Levert het bijhouden van die groei uitdagingen op?
    ‘Dat is ook altijd mijn eerste vraag: kunnen we dit goed administreren? Lopen de systemen niet vast? Schaalbaarheid is met de huidige technologie een totaal ander verhaal dan vroeger. Dus ja, we kunnen het aan. Een tweede vraag die ik stel is: is het product goed geprijsd? Als ik in Nederland of Amerika ineens een verkoopgroei van 15 procent zou zien, bel ik meteen op met de vraag: zetten we dit product niet te goedkoop in de markt? Hier is dat een red flag, maar in Azië geldt dat niet.’

    U stipte al even de vernieuwing van de interne organisatie aan. Hoe is die vernieuwing verlopen?
    ‘In het verleden was Aegon echt een federatie van landen. Binnen het land had je weer een federatie: in Amerika hadden we 14 businessunits, in Nederland waren het er 12. Het motto was: hoe meer hengels in de vijver, des te meer vissen je vangt. Tot de hengels in elkaar verstrengeld raakten. Dus zijn we gaan stroomlijnen. Verzekeren blijft een lokale business: klanten, regelgeving en belastingen zijn lokaal. Maar we moesten toe naar een model waarmee we van bovenaf de nodige controle konden uitoefenen. Het is nu local businesses operating within a global framework. De financiën, bijvoorbeeld, zijn nu in één kolom samengevoegd. Risicomanagement ook. We moeten er zeker van zijn dat we risico’s centraal kunnen beheersen, dat niet elk land dat op zijn eigen manier doet. Legal and compliance: één kolom. Human resources ook, want we willen ons talent wereldwijd in de gaten houden. De rest – het klantencontact, de productontwikkeling – doen we nog altijd lokaal. De nieuwe structuur was voor iedereen wennen.’

    Is er onder het personeel een carrousel op gang gekomen?
    ‘Er zijn inderdaad veel mensen van het ene naar het andere land gegaan. Het leuke is dat veel mensen bij Aegon komen werken omdat ze dan de mogelijkheid hebben naar Amerika of Engeland te gaan, of naar Singapore of Hongkong. Dat geeft ons aantrekkingskracht. Ik ben ervan overtuigd dat wij het beste talent in onze sector kunnen aantrekken omdat we die internationale mobiliteit kunnen aanbieden.’

    In hoeverre is er discussie geweest over de merknamen waaronder u operereert?
    ‘In het oude federatiemodel hadden we meer merken. We hebben besloten om dat anders te doen. In Amerika werken wij onder de naam Transamerica, die merknaam kent iedereen in dat land, dat gaan we niet opgeven. Buiten de VS is het nu allemaal Aegon, met één uitzondering: in Nederland hebben we de naam van de bank Knab gehouden. Hadden we voor de naam Aegon Bank gekozen, dan had niemand geloofd dat we echt met een nieuw concept op de markt kwamen.’

    Hoe kan Aegon nog groeien op bestaande, volwassen markten?
    ‘Daar gaat het om het ontwikkelen van nieuwe modellen. Geen traditionele pensioenen of levensverzekeringen meer, wel moderne pensioenen waarbij Aegon de rol van service provider heeft. Dat komt steeds weer terug: een dienst leveren waar de klant wat aan heeft. Veel dichter bij die klant staan. Het doel is de klant te helpen vanaf het moment dat hij of zij gaat werken en daarna een leven lang bij die klant blijven en onderweg producten aanbieden die aansluiten op verschillende levensfases. Een relatie opbouwen, service bieden. Het is belangrijk bestaande klanten veel beter te leren kennen.’

    Hoe is het mogelijk klanten een leven lang vast te houden?
    ‘Heel simpel: een klant benaderen op het moment dat die bijna een beslissing gaat maken, is te laat. Het gaat erom eerst 10, 15 jaar in contact te blijven. Daarbij speelt technologie een belangrijke rol. Het is niet mogelijk met 30 miljoen klanten persoonlijke gesprekken te voeren, maar het is wel mogelijk dusdanig te communiceren dat klanten weten waar wij voor staan en wat we voor ze kunnen doen. Veel daarvan gebeurt digitaal.’

    Helder verhaal. Toch heeft de beurskoers van Aegon het de laatste jaren niet zo heel goed gedaan. Hoe verklaart u dat?
    ‘Ik kan niet anders zeggen dan dat ik teleurgesteld ben dat de koers niet hoger is. Volgens mij zijn er twee duidelijke oorzaken voor. Ten eerste is Aegon een kleiner bedrijf geworden doordat we afscheid namen van activiteiten die niet meer bij ons pasten. Ten tweede is de negatieve rente absoluut funest voor onze sector. Onze beleggingen in Nederlandse staatsobligaties geven een negatief rendement, terwijl wij wel een verplichting hebben jegens onze klant. De beurskoers is helaas erg aan die rente gerelateerd. Erg jammer, ik had gehoopt dat het beter was geweest.’

    Wat is uw belangrijkste les geweest in 12 jaar als ceo van Aegon?
    ‘Mijn eigen transitie sluit aan bij de fases die het bedrijf doormaakte. In die eerste crisisjaren zaten wij met het crisisteam elke twee dagen aan tafel: wie doet wat, hoe komen we door die crisis heen? Dat was crisismanagement op de korte termijn. In de volgende fase moest ik mij ook anders opstellen: toen werd ik de leider die zich moest bezighouden met het uitdragen van onze purpose. Dat gaat niet vanuit de bestuurskamer, maar juist door constant naar buiten te gaan en je verhaal te vertellen totdat iedereen het begrijpt. Dat kost enorm veel tijd. Ik heb mezelf daar ook in ontwikkeld. Allereerst door te beseffen hoe belangrijk die purpose is en die boodschap vervolgens voortdurend uit te dragen. En daar de tijd voor te nemen. Ik had gedacht dat dat sneller zou gaan, maar het ging met kleine stapjes. Dat is heel leerzaam geweest.’

    U bent sinds 2016 ook commissaris bij Air France- KLM. Dat moet, met uw achtergrond in zowel Nederland als Frankrijk, een bijzondere ervaring zijn.
    ‘Daar is inderdaad een reden voor: ik spreek vloeiend Frans, heb in Parijs gestudeerd. Ik kan mij in beide culturen goed verplaatsen. Die brugfunctie is belangrijk: ervoor zorgen dat er eenheid is, dat de Fransen ook goed begrijpen waarom wij dat Nederlandse deel zo belangrijk vinden. Daar speel ik, denk ik, een belangrijke rol in. Ik wil dat graag doen voor KLM, voor Schiphol, voor Nederland.’

    Hoe kijkt u verder naar de toekomst? U bent sinds kort ook niet-uitvoerend bestuurder bij Citigroup.
    ‘Dat is het mooiste commissariaat waarop ik had kunnen hopen, bij de meest internationale bank van de VS. Ik heb altijd veel met Amerika te maken gehad, de activiteiten van Aegon daar vormen 60 procent van de totale business. Het leek mij boeiend om na mijn Aegon-tijd in de VS betrokken te blijven. Citi had nog niet één buitenlandse commissaris, dus in die zin is het best een bijzondere stap. Daarnaast ben ik voorzitter van de raad van toezicht van het Rijksmuseum, vanuit mijn belangstelling voor kunst, maar ook omdat ik het een belangrijk maatschappelijk instituut vind. Ik ben betrokken bij fondsenwerving voor het Alzheimercentrum en voor kankeronderzoek in het VUmc. Ik vind het een terechte oproep dat topmensen ook hun maatschappelijke betrokkenheid moeten tonen. Zo kan ik dat op mijn eigen manier invullen. Zo ben ik effectiever dan wanneer ik aan een talkshowtafel zou gaan zitten.’

    Dit interview is gepubliceerd in Management Scope 02 2020.

  • 17 Feb 2020 17:13 | Pieter Baks

    MoneyView: toenemende concurrentie zorg voor aanpaste AOV’s

    Verzekeraars passen hun AOV-producten aan als gevolg van de concurrentie van onder meer broodfondsen. Een van de trends is de mogelijkheid om te kiezen voor een korte uitkeringsduur. Hoewel dat minder zekerheid biedt, betalen zelfstandigen met een (doorgaans fysiek) zwaarder beroep ook daar fors voor, zo blijkt uit berekeningen van onderzoeksbureau MoneyView.

    Een dertigjarige dakdekker betaalt gemiddeld 5% van zijn inkomen aan premie voor een uitkeringsduur van slechts twee jaar. Ter vergelijking: voor die 5% heeft een even oude financieel adviseur dekking met een uitkering tot zijn 60e. Bovendien kan de dakdekker zich niet verzekeren voor een uitkering na zijn 60e, ook niet voor een kortlopende uitkeringsduur. Daardoor blijft er voor een grote groep lastig te verzekeren zelfstandigen een enorm gat te overbruggen tot aan de pensioenleeftijd.

    Rating voorwaarden en prijs

    Jaarlijks onderzoekt het onderzoeks- en benchmarkinstituut voor financiële dienstverleners het prijspeil en de voorwaarden van alle arbeidsongeschiktheidsverzekeringen, om zo te komen tot de MoneyView ProductRating voor Voorwaarden en Prijs. De Amersfoortse (Flexibele AOV), Movir (Soepen&Zeker AOV) en Univé (RisicoVerminderaar Vast Inkomen ongeval en ziekte) doen het goed als het om voorwaarden gaat. Zij krijgen van MoneyView vijf sterren toebedeeld. Als het om prijs gaat scoren De Absoluut AOV/Essntie AOV van Allianz en de GoedVerzekerd AOV van Taf het beste.

    Bron: amweb Annet van den Berg

  • 17 Feb 2020 11:31 | Pieter Baks

    Euro's via Pixabay 2018

    Consument vordert nakoming van een offerte van verzekeraar voor een overlijdensrisicoverzekering waarin – volgens verzekeraar – een onjuist premiebedrag is genoemd. Kifid stelt vast dat het premiebedrag in de offerte berust op een vergissing en dat de consument niet gerechtvaardigd mocht vertrouwen op de juistheid van het premiebedrag. De vordering wordt afgewezen. (Uitspraak GC 2020-119)

    De Geschillencommissie: “Een overeenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaarding volgens artikel 6:217 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek, verder te noemen BW. Uit artikel 3:33 BW volgt dat sprake is van een geldig aanbod wanneer de wil en de verklaring van degene die aanbiedt – in dit geval Verzekeraar – met elkaar overeenstemmen. De offerte van 3 mei 2019 is dus een geldig aanbod zoals bedoeld in dit artikel wanneer Verzekeraar daadwerkelijk de bedoeling heeft gehad om – zoals vermeld in de offerte – Consument een gelijkblijvend verzekerd bedrag van 250.000 euro tegen een maandelijkse premie van 42,77 euro aan te bieden. Naar het oordeel van de Commissie heeft Verzekeraar die bedoeling niet gehad en berust het premiebedrag in de offerte van 3 mei 2019 op een vergissing.

    "De Commissie constateert dat de markt voor overlijdensrisicoverzekeringen scherp dalende premies laat zien. Het is dan ook mogelijk dat in de periode 2013 – 2019 een behoorlijke premiedaling heeft plaatsgevonden. Het ligt echter niet voor de hand dat de premie na een wijziging van het risico exact gelijk blijft. De kans dat per abuis de eerder toepasselijke premie is blijven staan of overgenomen, is in die situatie veel groter."

    Bron: VVPonline

  • 17 Feb 2020 11:19 | Pieter Baks

    Zakenman computer via Pixabay

    Eén op de drie (32 procent) Nederlandse bedrijven zegt de bedrijfsvoering in hoge mate of bijna volledig gedigitaliseerd te hebben. Daarentegen geeft 36 procent aan de bedrijfsvoering niet of nauwelijks te hebben gedigitaliseerd. Kleine bedrijven zijn minder ver met digitalisering dan grote bedrijven. Dit meldt het CBS op basis van de nieuwste cijfers uit onderzoek naar ICT-gebruik onder bedrijven in Nederland.

    De mate van digitalisering hangt sterk samen met de grootte van het bedrijf; van de grote bedrijven (500 of meer werknemers) heeft 65 procent de bedrijfsvoering in hoge mate gedigitaliseerd, van de kleinste bedrijven (twee werknemers) is dit slechts 24 procent. Bijna de helft van deze kleine bedrijven is naar eigen zeggen niet of nauwelijks gedigitaliseerd. In dit onderzoek gaven bedrijven zelf aan in hoeverre zij gedigitaliseerd zijn.

    Verstuurde e-facturen verdubbeld

    Een voorbeeld van meer digitalisering onder Nederlandse bedrijven is de toename van het gebruik van e-facturen. Het aandeel verzonden e-facturen verdubbelde in 2018 bijna ten opzichte van het jaar daarvoor, van acht procent naar veertien procent. Ook het gebruik van elektronische facturen anders dan e-facturen (bijvoorbeeld in PDF) is de afgelopen twee jaar toegenomen: van 40 procent in 2016, naar 60 procent in 2018. Hierdoor is het aandeel papieren facturen de afgelopen twee jaar gehalveerd, van 50 procent in 2016 naar 24 procent in 2018.

    Het gebruik van een Customer Relationship Manager (CRM) systeem om klantengegevens digitaal te beheren is de afgelopen twee jaar toegenomen van 46 procent van de bedrijven in 2016 tot 56 procent van de bedrijven in 2018.

    Bron: VVPonline Leestip: VVP-special Digitale Transformatie

  • 15 Feb 2020 09:37 | Pieter Baks

    ING DT

    Klanten en adviseurs ervaren in hun dagelijks leven steeds meer digitalisering en gemak. Jacques Schram (ING Hypotheken) en Leon van Vliet (Intersoftware Group) zien echter dat de digitalisering in onze sector niet snel gaat. Daarom investeren ING en Intersoftware in een platform dat digitalisering voor de hele markt beoogt en de efficiency voor alle partijen in de distributieketen, zoals adviessoftwarepartijen en financiele dienstverleners verhoogt. Hierdoor profiteren intermediairs, geldverstrekkers en hun klanten.

    ...

    De keuze voor een hypotheek blijft voor de overgrote meerderheid van onze klanten een ingrijpende keuze, waarvoor zij advies vragen, maar zeker ook nodig hebben. Dat ziet ING voorlopig niet veranderen. Ervaringen in andere branches maken wel dat klanten steeds meer snelheid, digitalisering en gemak verwachten in de hele afhandeling daaromheen. Internet en devices zoals de mobiele telefoon of tablets vormen voor een groot deel van klanten en adviseurs de toegangspoort naar vele vormen van dienstverlening. Ook in onze sector zien wij veel kansrijke ideeën om het adviseur en klant veel makkelijker te maken. Toch hebben al die initiatieven de afgelopen jaren nog niet geleid tot heel ingrijpende verbeteringen van het hypotheek aanvraagproces. Persoonlijk advies blijft dus essentieel, maar adviseurs zullen hun dienstverlening moeten aanpassen aan de veranderende wensen van de klant.

    Impasse

    Leon (bestuurder Intersoftware Group en directeur FinData) ziet dat vooral veel kleine en middelgrote intermediairs hulp nodig hebben om stappen te kunnen zetten in deze digitale transformatie. Het goede nieuws is dat er in de intermediaire markt al veel partijen zijn met veelbelovende oplossingen. Veel van deze partijen hebben echter moeite om deze ideeën te laten groeien en te komen tot een duurzame oplossing. Dat komt enerzijds omdat de investeringen om een goed idee te laten groeien fors zijn en anderzijds is het voor nieuwe partijen zonder distributiekracht heel moeilijk om het intermediair te bereiken en voldoende licenties af te sluiten voor een gezond businessmodel.

    Ook veel geldverstrekkers investeren flink op het gebied van digitalisering, zowel om de klantverwachting uiteindelijk waar te maken als om met digitalisering onderscheidend te zijn. Het provisieverbod belemmert verstrekkers echter om investeringsbudgetten naar de markt te brengen voor individuele procesverbeteringen, waardoor er uiteindelijk weinig verandering kan worden gerealiseerd.

    Jacques (Manager Procesdesign en Innovatie ING Hypotheken): “Wij concluderen dat onze markt daarmee in een impasse zit. Klanten vragen in toenemende mate om snelheid en gemak. Adviseurs willen daarin best mee, maar hebben hulp nodig om de benodigde digitalisering te realiseren. Softwarepartijen kunnen oplossingen bieden, maar hebben vaak niet de investerings- of distributiekracht om die ideeën tot volwassenheid te brengen. En verstrekkers hebben de middelen wél, maar mogen die alleen onder strikte voorwaarden in de markt brengen.”

    Platform als oplossing

    Daarmee was het voor ING duidelijk dat een andere aanpak nodig was om tot verandering te komen waar de hele intermediaire markt van kan profiteren. Jacques: wij hebben gekeken naar andere branches waar traditionele distributiemodellen fors verbeterd zijn. En we zagen daarin één constante: in al die markten heeft een krachtig digitaal platform voor grote verandering gezorgd. Want of het nu Apple is in de mobiele sector, Amazon in de retail of Bol.com dichter bij huis, in alle gevallen zorgen ze ervoor dat aanbieders, adviseurs en klanten elkaar vinden en op een efficiënte manier zaken met elkaar kunnen doen, waardoor ze grote verbeteringen in snelheid en gemak hebben gebracht in hun respectievelijke markten. De conclusie is dat ook in onze sector een dergelijk platform een logische stap is uit de impasse die we hierboven schetsten.

    Overname

    Jacques: “Om deze visie te verwezenlijken heeft ING een meerderheidsbelang genomen in Intersoftware Group. Deze deelneming past in de strategie van ING; de ontwikkeling van een platform dat verder reikt dan de rol van traditionele banken”. Leon: “Voor Intersoftware is de investering van ING een unieke mogelijkheid om de eigen ambities te verwezenlijken, verder bouwend op het fundament van Adviesbox als marktleider in de intermediaire markt en FinData als hét platform voor rentes en voorwaarden”. ING beoogt met haar meerderheidsbelang langdurig te investeren in het intermedaire advieskanaal dat zeer belangrijk is voor ING en innovatie en efficiency in het distributiekanaal mogelijk te maken voor de gehele markt. Intersoftware blijft uiteraard een zelfstandig bedrijf dat volledig onafhankelijke advies- en bemiddelingssoftware blijft aanbieden. Ook blijft de onafhankelijkheid van het intermediaire advies, zoals bepaald in het provisieverbod, volledig gewaarborgd.

    Ambitie

    Leon: “Onze gezamenlijk ambitie is een marktbreed digitaal platform voor de hypotheeksector te realiseren dat aanbieders, afnemers en softwareleveranciers efficiënt bij elkaar brengt. Vanuit wet- en regelgeving realiseren we in de praktijk twee deelplatforms die volledig gescheiden van elkaar opereren.”

    Jacques Schram en Leon van Vliet: ‘Marktbreed digitaal platform voor de hypotheeksector.’

    Het validatieplatform FinData biedt hypotheek/geldverstrekkers de mogelijkheid hun producten, voorwaarden en acceptatiekader te ontsluiten naar alle adviessoftwarepakketten, zodat intermediairs in hun adviessoftware kunnen toetsen tegen welke voorwaarden en welke documenten een verstrekker een hypotheek wil verstrekken. Hierdoor kunnen intermediairs dus meteen de juiste aanvraag, compleet, bij de juiste verstrekker indienen. Voor hypotheekverstrekkers betekent dit een enorme verbetering van hun efficiency zodat zij zich kunnen richten op het verbeteren van hun proposities.

    Het adviesplatform biedt toepassingen die intermediairs ondersteunen hun processen rondom advies en bemiddeling te versnellen en digitaliseren. Voorbeelden hiervan zijn zaken als rekentools en heel concreet een tool voor digitale identificatie. Deze componenten zullen we deels zelf bouwen, maar het platform biedt expliciet ook ruimte voor ontwikkeling door derden, juist omdat dat snelheid en innovatie stimuleert. Dit deelplatform wordt door Intersoftware ontwikkeld.

    Samenwerking

    De doelstelling van ING en Intersoftware is om met dit platform een grote bijdrage te leveren aan de digitalisering van de gehele sector, zodat adviseur, klant en hypotheekverstrekker hun tijd kunnen besteden aan wat echt belangrijk is: de keuze voor de best passende hypotheek voor de klant. Wij zoeken dan ook actief de samenwerking met geldverstrekkers, softwareleveranciers, intermediairs en HDN om dit doel te verwezenlijken.

    Meer weten? Wij gaan graag met u in gesprek!

    Jacques Schram is Manager Procesdesign en Innovatie ING Hypotheken en Leon van Vliet is Bestuurder Intersoftware Group en directeur FinData

    Bron: VVPonline


  • 14 Feb 2020 10:42 | Pieter Baks

    Mona Keijzer nieuw

    Eerlijker ondernemen en beter samenwerken. Dat is het doel van de nieuwe wet Franchise. De ingediende wet legt de nadruk op vier onderdelen die cruciaal zijn voor evenwichtige franchiseverhoudingen: de precontractuele uitwisseling van informatie, de tussentijdse wijziging van een lopende franchiseovereenkomst, de beëindiging van de franchisesamenwerking en het overleg tussen franchisegever en zijn franchisenemers.

    Staatssecretaris Keijzer: "In de detailhandel - bijvoorbeeld bij bezorgrestaurants en winkelketens -, zakelijke dienstverlening en zorg komt franchise als bedrijfsvorm veel voor. Het ingediende wetsvoorstel heeft als doel een gezondere machtsbalans bij de ruim 30.000 bedrijven in deze sector. Er komt meer transparantie bij het sluiten van de franchiseovereenkomst en franchisenemers worden beter geïnformeerd over ontwikkelingen rondom de franchiseformule. Daarnaast komt er meer zeggenschap voor franchisenemers, omdat instemming van de meerderheid nodig is. Nieuw in het wetsvoorstel is dat franchisegevers en -nemers samen moeten bepalen bij welke wijzigingen dit nodig is."

  • 05 Feb 2020 10:14 | Pieter Baks

    Aegon Nederland stopt met de verkoop van individuele levensverzekeringen, waaronder de overlijdensrisicoverzekering. Belangrijkste reden is dat de producten niet meer kostendekkend kunnen worden aangeboden.

    Aegon staakt verkoop levensverzekeringenAegon Nederland en Hera Life tekenen hun samenwerkingsovereenkomst. V.l.n.r.: Wim Hekstra (COO Aegon NL), Sander Franken (CEO Hera Life), Maarten Edixhoven (CEO Aegon NL) en Arjen Westra (directeur Sales Aegon NL)

    Daarvoor in de plaats gaat Aegon exclusief de overlijdensrisicoverzekeringen van Hera Life aanbevelen. Aegon Growth Capital heeft een belang van 35% genomen in Hera Life.

    Levensverzekeringsmarkt staat onder druk

    Als reden voor het staken van de verkoop van onder meer de ORV noemt Aegon dat de onder druk staande individuele levensverzekeringsmarkt. “De verkoop van nieuwe levensverzekeringen is door nieuwe regelgeving inmiddels flink gekrompen; zo zijn overlijdensrisicoverzekeringen niet langer verplicht bij het afsluiten van een nieuwe hypotheek”, meldt de verzekeraar. De verkoop van de Aegon Overlijdensrisicoverzekering, Aegon Garantie Inkomen en de Aegon Lijfrente Uitstelverzekering stopt met ingang van maart. Voor klanten die al een van deze producten hebben, verandert er volgens de verzekeraar niets.

    Belang moet vertrouwen onderstrepen

    Voor overlijdensrisicoverzekeringen beveelt Aegon zijn klanten en adviseurs Hera Life aan. “Hera Life heeft onlangs wederom de maximale 5 sterren van MoneyView gekregen voor zowel prijs als voorwaarden”, zegt ceo Maarten Edixhoven van Aegon Nederland. “Dit tezamen met een efficiënt aanvraagproces leidt ertoe dat wij onze klanten een goed, relevant alternatief kunnen bieden.” Om zijn vertrouwen in de nieuwe partner te onderstrepen, heeft Aegon Growth Capital een minderheidsbelang van 35% genomen in Hera Life. Aegon Growth Capital investeert in snelgroeiende en onderscheidende fintech- en insurtech-bedrijven in Europa, waar succesvolle ondernemers hebben bewezen een snel innoverend en leidende business neer te kunnen zetten.

    Eerste publicatie door Annet van den Berg op 5 feb 2020


  • 31 Jan 2020 12:58 | Pieter Baks

    Het begrip (na)zorgplicht is een containerbegrip dat in belangrijke mate invulling geeft aan de relatie tussen adviseur en klant. Veel adviseurs maken schriftelijke afspraken welke werkzaamheden er verricht zullen worden en welke vergoeding de klant daarvoor verschuldigd is. In de meeste gevallen verloopt de relatie probleemloos en is de adviseur blij met zijn klant en is de klant tevreden met de dienstverlening. Maar als de verhouding tussen adviseur en klant onder druk komt te staan, is het niet vanzelfsprekend dat de wegen van partijen zich volledig (kunnen) scheiden.

    Verzekeringsrecht: Waarom zou de adviseur geen afscheid mogen nemen van zijn klant?

    Stel dat de klant het nazorgabonnement opzegt, maar dat hij wel verlangt van de adviseur dat die zijn wettelijke nazorgplicht (gratis!) blijft nakomen? Volgens de uitspraak van de Geschillencommissie  is de adviseur in dat geval inderdaad verplicht om de klant gedurende de looptijd van het financiële product te blijven informeren over de ‘wezenlijke wijzigingen’ (artikel 4:20 lid 3 Wft). Hiervoor mag geen aparte vergoeding in rekening gebracht worden en deze vorm van nazorg mag niet ‘weggecontracteerd’ worden. Bijvoorbeeld door te bedingen dat de wettelijke nazorg onlosmakelijk onderdeel vormt van het totaalpakket aan doorlopende dienstverlening.

    Geschillencommissie geeft onjuiste uitleg aan wettelijke nazorg

    Vanuit juridisch oogpunt wringt hier de schoen. De Geschillencommissie geeft namelijk een onjuiste uitleg aan de wettelijke nazorg en maakt ten aanzien van de nazorg een onjuist onderscheid tussen het bemiddelen in verzekeringen enerzijds en het bemiddelen in hypotheken anderzijds. Hoe zit dat?

    De Geschillencommissie oordeelt dat de adviseur die heeft bemiddeld bij het sluiten van een verzekering gehouden is om tot het moment van overboeking uit de portefeuille de minimale wettelijke nazorg van te blijven verlenen. Met het beëindigen van de civielrechtelijke verhouding tussen partijen eindigen ook de daaruit voortvloeiende zorgplichten. Tot zover een begrijpelijk oordeel.

    Angst dat klant in de kou komt te staan is ongegrond

    Bij een hypotheek ligt dit volgens de Geschillencommissie anders. Het oordeel van de Geschillencommissie komt erop neer dat het partijen niet vrij zou staan om met elkaar overeen te komen dat de relatie daadwerkelijk is verbroken. Dat is vreemd, want dit zou dus betekenen dat een adviseur die heeft bemiddeld bij de totstandkoming van een hypotheek tot in lengte van jaren gehouden blijft deze klant te informeren over wezenlijke wijzigingen en daar op geen enkele manier onderuit zou kunnen komen. Een dergelijk oordeel berust mijns inziens op een onjuiste interpretatie van de Wft. Kennelijk wil de Geschillencommissie per se voorkomen dat de klant qua nazorg in de kou komt te staan. Maar die angst is ongegrond.

    Informatieplicht rust primair op aanbieder

    Een klant dient voorafgaand aan het sluiten van een financieel product voldoende informatie te ontvangen om dat product goed te kunnen beoordelen. In de Wft is in artikel 4:20 BW bepaald dat op de aanbieder van het financiële product een plicht rust om de klant tijdens de looptijd van het product te informeren als er daarin iets verandert. Is het product via een adviseur gesloten, of wordt het door een adviseur beheerd? Dan verschuift deze verplichting via artikel 4:21 Wft naar de adviseur. Het is immers in dat geval de adviseur (de bemiddelaar) die het klantcontact onderhoudt. Daarmee wordt bovendien voorkomen dat de informatieverstrekking dubbelop gebeurt.

    De klant kan nooit in de kou komen te staan. Want het gaat hier om een verplichting die primair rust op de aanbieder

    Uit dit artikel volgt dat zolang er een overeenkomst van opdracht tussen de adviseur en diens klant loopt, er een verplichting tot informatieverstrekking rust op de adviseur. De klant kan nooit in de kou komen te staan. Want het gaat hier om een verplichting die primair rust op de aanbieder. Dus als de adviseur om wat voor reden dan ook wegvalt, dan verschuift de verplichting weer naar de aanbieder. En als de klant overstapt naar een andere adviseur, dan neemt die de informatieplicht over.

    Gekunstelde argumenten

    Als de klant het nazorgabonnement wil beëindigen of als de adviseur afscheid wenst te nemen van deze klant, dan eindigt de overeenkomst van opdracht. De relatie tussen hen eindigt dan ook meteen. Als er geen contractuele verhouding tussen partijen meer is, zou ook de publiekrechtelijke verplichting tot het informeren over wezenlijke wijzigingen niet meer op de adviseur moeten rusten, maar zou die weer (in lijn met het bepaalde in artikel 4:21 Wft) op de aanbieder moeten komen te rusten.

    De Geschillencommissie miskent dat en probeert onnodig en met gekunstelde argumenten te voorkomen dat de klant verstoken zou blijven van zijn recht op informatie. De Geschillencommissie maakt in dat kader een koppeling met het portefeuillerecht. Maar die koppeling ontbreekt in artikel 4:20 en 4:21 Wft. Op grond van die artikelen is alleen van belang of de financiële dienst (het adviseren over, het afsluiten en het beheer van het product) wordt gedaan door de aanbieder zelf of via een bemiddelaar.

    Ongewenste gevolgen voor adviseur

    Deze uitspraak van de Geschillencommissie is niet alleen onjuist, maar leidt ook tot ongewenste gevolgen. Stel bijvoorbeeld dat de adviseur besluit om zijn bedrijf te staken en met pensioen te gaan, of niet langer beschikt over een aanstelling bij de aanbieder of over een vergunning om te bemiddelen. Dan kan de adviseur de informatieplicht helemaal niet nakomen. Of stel dat de klant besluit dat hij liever overstapt naar een andere adviseur. Dan wil hij toch helemaal geen informatie meer ontvangen van zijn vorige adviseur? Het gaat bovendien om informatie over het product, dus informatie die afkomstig is van de aanbieder. Die kent voor de communicatie alleen de huidige adviseur en kan niet regelen dat zij desondanks informatie stuurt aan de oude adviseur.

    Wat te denken van een geval dat wij in onze praktijk voorgeschoteld kregen: een klant bedreigt en intimideert de medewerkers van de adviseur op kantoor met een vuurwapen

    Uiteraard moet ook een adviseur de relatie met zijn klant volledig kunnen verbreken. Wat te denken van een geval dat wij in onze praktijk voorgeschoteld kregen: een klant bedreigt en intimideert de medewerkers van de adviseur op kantoor met een vuurwapen. De adviseur wil de banden met deze klant logischerwijs definitief verbreken. De adviseur wil dus ook niet nog langer gehouden zijn om deze klant te informeren over wezenlijke wijzigingen. Als de uitspraak van de Geschillencommissie gevolgd wordt, dan zou de wettelijke nazorg ook in deze gevallen op de adviseur blijven rusten. Terwijl evident is dat de adviseur deze verplichtingen niet kan of zou hoeven nakomen en de klant hier evenmin bij gebaat is.

    Maak duidelijke afspraken over reikwijdte van dienstverlening

    Het is voor een financieel adviseur aan te bevelen om in een opdracht tot dienstverlening duidelijke afspraken met de klant te maken over de reikwijdte van de dienstverlening en de daarbij behorende beloning. Het is verstandig om in dat kader ook vast te leggen dat bij beëindiging van de opdracht de dienstverlening in het geheel wordt gestaakt. En dat de klant gehouden is om na beëindiging van de overeenkomst een verzoek tot intermediairwijziging in te dienen en dus naar een andere adviseur over te stappen, als het financiële product op dat moment nog loopt.

    Dossier

    Meer uit de rubriek verzekeringsrecht

    Daarmee wordt voorkomen dat de klant tegen de wens van de tussenpersoon tot in lengte van dagen aanspraak zou kunnen blijven maken op gratis dienstverlening. Als de klant desondanks weigert om te vertrekken, kan deze schending van de contractueel overeengekomen verplichting om over te stappen zo nodig bij de rechter worden afgedwongen. Tot slot adviseren wij om ter voorkoming van enig misverstand in de samenwerkingsovereenkomst met de aanbieders op te nemen dat de informatieplicht van artikel 4:20 Wft weer teruggaat naar de aanbieder op het moment dat de klant de contractuele relatie met de adviseur verbreekt. Of overgaat naar de nieuwe adviseur als de klant overstapt.

    Auteur Coen Fledderus is advocaat bij Polis Advocaten

  • 23 Jan 2020 08:55 | Pieter Baks

    Het lijkt erop dat de uitdrukking 'Uitgebreide financiële planning' vrij duidelijk en gemakkelijk te begrijpen is. Het is echter fascinerend om de verschillende definities te horen die ik krijg als ik mensen vraag wat zij denken dat een uitgebreide financiële planning is. Antwoorden variëren van het beheren van beleggingen tot inclusief belastingplanning en misschien pensioenplanning.

    Misschien vindt je een financieel adviseur die schuldenbeheer, belastingbeheer, beleggingen en verzekeringen in hun uitgebreide financiële plan opneemt, een verzameling die overkoepelend lijkt, maar toch enkele belangrijke kwesties buiten beschouwing laat.

    Met alle variaties en zonder technische definitie uitgegeven door de regelgevende instanties die definiëren wat een uitgebreide financiële planning is, begrijpen maar heel weinig mensen het totaalbeeld dat een uitgebreide financiële planning omvat.

    Uitgebreide financiële planning is een gezondheidsplan voor je financiële situatie

    Uitgebreide financiële planning omvat de gedetailleerde beoordeling en analyse van alle facetten van je financiële situatie. Dit omvat gebieden zoals kasstroomanalyse, pensioenplanning, risicobeheer, investeringsbeheer, belastingbeheer en nalatenschapsplanning. Het is alleen door een uitgebreide analyse dat je werkelijke financiële toestand kan worden bepaald en het juiste plan kan worden aanbevolen.

    Beschouw een goed alomvattend financieel plan als zeer vergelijkbaar met een gezondheids- en wellnessplan. Je moet je concentreren op en zorgen voor alle aspecten van je gezondheid, niet slechts een paar (noem dat je alomvattende gezondheids- en welzijnsplan.) Elk van de vele aspecten van je gezondheid en welzijn hangen immers van elkaar af en beïnvloeden elkaar, allen samenwerkend om optimale gezondheid en welzijn te helpen creëren.

    Elk van de vele aspecten van je financiële situatie hangt van elkaar af en beïnvloedt elkaar. Ze werken allemaal samen om een ​​sterk financieel vooruitzicht te creëren. De voordelen zijn niet alleen van jou. Je gezin deelt ook de verlichting, het comfort en de voordelen van je slimme beslissingen.

    Een uitgebreid financieel plan omvat:

    Een grondige beoordeling van je huidige financiële situatie

    Een discussie en begrip van je financiële doelstellingen op lange termijn

    De ontwikkeling van een plan met alle financiële producten die nodig zijn om je te brengen van waar je nu bent en naar waar je in de toekomst moet zijn

    Een solide financiële strategie omvat onder andere specifieke onderwerpen voor je levenssituatie en doelen:

    Pensioen planning

    College planning

    Fiscaal beheer

    Estate management

    Risicomanagement

    Schuldstructuur

    Verzekering

    Complexe levensproblemen, waaronder je gezinsstructuur, straks zorgen voor ouder wordende ouders, of misschien eerder dan je had verwacht.

    De enige manier om een ​​optimaal financieel plan te maken, de enige manier waarop professionals in financieel management hun klant volledig kunnen helpen, is om de persoonlijke omstandigheden te begrijpen en naar alles te kijken: elk bankafschrift, belastingaangifte, verzekeringspolis, alles - om gekwalificeerde aanbevelingen te maken.

    Het zou moeilijk zijn voor je financial planner om je te helpen zonder eerst te weten, dan te beoordelen en vervolgens elk deel van je financiële beeld te behandelen.

    Je hebt de hele foto nodig.

    Nogmaals, verwarring over wat een uitgebreide financiële planning is, is wenkbrauwverhogend, maar de variaties die er zijn, kunnen zijn omdat er geen strikte wettelijke definitie van is. Maar de industrie beweegt langzaam in de richting van een meer allesomvattende norm. We zijn er al.

  • 12 Nov 2019 13:30 | Pieter Baks

    Finding reliable financial advise that you can trust can be difficult, but there are a few ways you can find the right advice with a financial adviser

    family-meeting-a-financial-adviser

    Not everyone enjoys thinking about their personal finances. The financial forecasting involved in planning for big life events such as buying a house or starting a pension can be complicated and stressful, particularly if you’re not confident in your own accounting abilities.

    Luckily, there’s a whole profession dedicated to helping number-crunching novices plan their finances effectively. Financial advisers specialise in assisting the public with their money and assets, allowing average people to make the right choices.

    With different advisers specialising in different areas of finance, it can be tricky to know where to look. In this guide, we’ll outline the best ways to find professional financial adviser who can help you achieve your life goals.

    Do you need a financial adviser?

    Whether you’re considering a personal loan, changing careers, launching a business or planning for retirement, the right financial adviser will take your priorities into account and help you to make sure that you get the most from your money.

    “There are a number of reasons for taking financial advice,” says Jeannie Boyle, a charted financial planner and the director EQ Investors. “You might be looking for a better return on your investments, want pension advice to ensure you have security in retirement, or have concerns about Inheritance Tax. A financial adviser can help you set financial goals and get you on track to meet them.”

    While many people will only begin to consider speaking to a financial adviser in later life, you’re likely to benefit even more if you start planning early. Mark Stewart of Sheards Wealth Management believes that when it comes to money, you’re never too young to speak to an expert. “The earlier you start saving and planning for your future, the better off you’ll be,” he suggests.

    Indeed, a financial adviser may be able to help you identify opportunities to save extra money that you weren’t previously aware of. For example, gaining the practical expertise of an experienced adviser when setting up your pension could make a difference of hundreds of thousands by the time you retire. 

    How to find the right financial adviser for you

    One of the best ways to find a trusted financial adviser is to ask friends, family and colleagues for recommendations. If someone you know has already benefitted from the services of a financial expert, you’ll have a strong indication that their advice is reliable.

    Whether you’ve been reassured about an adviser’s credentials or not, it’s always worth doing your own research before making the important decision of who helps you manage your finances. Online tools such as AdviserBook and Unbiased.co.uk can help to match you with the right professional in your area.

    Karen Barrett founded Unbiased.co.uk to help normal people benefit from reliable, independent financial advice during life’s most important decisions. Other than gaining referrals from friends and conducting online research, she believes that a good old fashioned chinwag is invaluable when choosing the right adviser for the job.

    “Talk to them!” she urges. “You may not be fully aware of what your needs actually are, and a chat with a financial adviser can help you gain a clear picture. Look for an adviser who offers a free initial meeting – most do – and ask them to explain the ways in which they could help you. Talk to a few different advisers until you find the one who feels best for you.”

    When speaking to potential advisers, they’ll need a clear picture of your circumstances in order to help you manage your money. Come equipped with details of your income, outgoings, savings and other assets, which will help the adviser you’re speaking to when it comes to crunching numbers and creating a long-term projection of your finances.

    How much does a financial adviser cost?

    The cost of hiring a financial adviser puts many people off. However, with the right approach youl should actually end up saving more money than you’ll spend. And with most advisers offering free initial consultations, there’s nothing to lose by meeting up with some and exploring your options.

    “Most advisers offer a free initial meeting at their expense to see how they can help,” explains Mark from Sheards Wealth Management. “This will give you the opportunity to meet the adviser and determine if you would be happy working together. Fees always need to be discussed and agreed in advance so that there are no nasty surprises.”

    Before you agree to hire a financial adviser, it’s worth understanding the different ways you might be charged. There are a few different approaches that financial advisers take – we’ve outlined some of these below.

    Percentage of assets

    An adviser who is managing your investment portfolio over an extended period of time may charge a percentage of the portfolio’s total value. By charging a percentage of your total assets (typically between 1% and 2%), the adviser has a clear incentive to help your investments grow – the more you earn, the more they earn.

    Fixed fee

    With a fixed fee agreement, your adviser will perform a specific service for a set price, which should be quoted in advance. This means that you’re not tied into any long-standing agreements – when the job’s done, you will have no further obligations to the financial adviser you hired.

    Hourly rate

    Some advisers may charge an hourly rate for certain services. £150 per hour is the UK average, according to Unbiased’s cost of advice guide.

    “Ultimately, good financial advice should save you more money than you pay for it,” comments Karen from Unbiased. “For instance, simply picking the right annuity could save you thousands over the course of your retirement. Advice taken at the right times can also boost the value of your pension by large amounts, whether by reducing management fees, picking better funds or maximising contributions.

    “Perhaps even more importantly, advice can help you avoid making costly mistakes, or protect you from financial hazards like loss of earnings due to illness. Knowing you’ve made the best choices for yourself will also bring great peace of mind.”