Amerikaanse dollars overspoelen Nederlandse techwereld

07 Jan 2022 07:46 | Anonymous

Financieel Dagblad  5 januari 2022  Eva Schram en Jan Fred van Wijnen

Voor Amerikanen zijn de Nederlandse start-ups aantrekkelijke investeringen. Ze zijn lager gewaardeerd dan beginnende tech bedrijven op de oververhitte markt in de VS. Om deze investeerders met jonge bedrijven in contact te brengen zijn verschillende initiatieven ontplooid.

Dat investeerders uit Amerika massaal naar Nederland trekken is terug te zien in de cijfers. 'Bij ongeveer een op de vijf deals in 2021 was tenminste één Amerikaanse investeerder betrokken.' Illustratie: iStock/FD Studio

In het kort

De helft van het durfkapitaal voor Nederlandse techbedrijven kwam vorig jaar uit de VS.

Het meeste Amerikaanse geld ging naar 'scale-ups' en minder naar vroege start-ups.

Verschillende initiatieven hopen dit gat voor de vroege start-ups te dichten.

In het chique restaurant Brasserie Ambassade aan de Amsterdamse Herengracht komen medio december, vlak voor de nieuwe lockdown, achttien Nederlandse start-up oprichters samen. Op het menu staat gekonfijte eendenbout. Naast de tech ondernemers is ook een durfinvesteerder uit de VS aangeschoven, en verschillende partners van vijf Nederlandse investeerders.

'De Herengracht is natuurlijk een leuke plek voor Amerikanen', zegt Dirk Huibers. Hij is mede-oprichter van Spotr.ai, een tech bedrijf dat begin vorig jaar zijn eerste 'seed kapitaal' van €2,5 mln ophaalde, en volgend jaar opnieuw bij investeerders langs wil. De sfeer schetst hij als 'gemoedelijk en informeel'. Voor de ondernemers is het een mooie kans om contacten te leggen met potentiële investeerders.

De lunch is een initiatief van DutchTechInc, een nieuw platform voor contacten tussen financiers en tech ondernemers. Het is opgezet door Oliver Binkhorst, een Nederlander in Californië. Hij wil Amerikaans geld, Nederlands geld en start-up oprichters bij elkaar brengen. De 'founder lunches' zijn maar een voorbeeld, zegt hij. Het kan ook rustig zonder fysieke ontmoeting. 'Door de pandemie zie je dat Amerikaanse investeerders veel meer bereid zijn om transacties op afstand te doen. De fysieke aanwezigheid in de VS of Californië die eerst noodzakelijk was, is minder belangrijk geworden.'

Veel geld naar megarondes

Dat investeerders uit Amerika massaal naar Nederland trekken is terug te zien in de cijfers. Vorig jaar hebben Nederlandse start-ups een recordbedrag aan dollars opgehaald om hun groeiplannen te financieren. Van de €5,5 mrd aan durfkapitaal kwam vorig jaar de helft uit de Verenigde Staten. Twee jaar geleden was dat nog 10%, volgens databureau Dealroom.co. Of zoals Thomas Mensink, van databureau Golden Egg Check, het stelt: 'Bij ongeveer een op de vijf deals was tenminste één Amerikaanse investeerder betrokken.'

Een deel van het geld ging naar grote investeringsrondes. In het voorjaar van 2021 haalde het Amsterdamse softwarebedrijf Message Bird €662 mln op. Voor een groot deel kwam dat van Amerikaanse investeerders als Accell, Tiger Global Management en Blackrock. Ook fintech bedrijf Mollie uit Amsterdam, dat afgelopen zomer €665 mln ophaalde, werd vrijwel volledig door Amerikaanse fondsen gefinancierd. De ronde van €600 mln die web supermarkt Picnic in september collecteerde, werd geleid door de Bill & Melinda Gates Foundation Trust.

Deze Nederlandse megarondes laten zien waar Amerikaanse investeerders vooral in geïnteresseerd zijn: het financieren van late stage-bedrijven (in Nederland ook wel scale-ups genoemd; start-ups die de eerste fase hebben overleefd en het eerste succes hebben behaald).

Investeren online

Dit beeld wordt bevestigd door de Nederlandse investeerder Johan van Mil, van het fonds Peak. Amerikaanse collega's benaderen hem vaak, zegt hij. Bij voorkeur stappen ze in als een start-up al een stuk volwassener is, met een maandelijkse omzet van €150.000. Sinds het uitbreken van de coronacrisis spreekt Van Mil geregeld online met Amerikaanse investeerders: 'Ze doen ook volledige deals op grond van videogesprekken.'

‘Amerikaanse investeerders doen ook volledige deals op grond van videogesprekken’

Johan van Mil, Peak

De Amerikanen concentreren zich op Europese steden waar veel start-ups ontstaan: Londen, Parijs, Berlijn, Amsterdam en Stockholm. Ook in deze 'tech hubs' rukt de dollar op, zo blijkt uit de Dealroom-data: van de ruim $93 mrd die Europese start-ups vorig jaar hebben opgehaald, kwam meer dan een derde ($33,9 mrd) uit de VS. Twee jaar daarvoor was het nog een kwart.

Voor het zoeken van hele jonge bedrijven maken de Amerikanen ook gebruik van 'venture scouts', zegt Van Mil. Dat zijn lokale ondernemers, die maximaal $500.000 krijgen om namens de durfinvesteerder een belang te nemen in een veelbelovend tech bedrijf dat zijn eerste product nog moet lanceren. Ook Peak gebruikt zulke scouts, maar dan met investeringsbedragen tot €100.000.

Wederzijds aantrekkelijk

Voor Amerikanen zijn de Nederlandse start-ups aantrekkelijke investeringen. Ze zijn lager gewaardeerd dan jonge techbedrijven op de oververhitte markt in de VS. Het omgekeerde is ook waar: voor Nederlandse ondernemers zijn Amerikaanse investeerders interessant, omdat ze meer bieden dan hun Nederlandse concurrenten.

Voor Rick Lamers en Yannick Perrenet, van data start-up Orchest, was dit één reden om hun 'seed-ronde' van $3,5 mln dit najaar op te halen bij Amerikaanse investeerders. 'Uiteindelijk is de financiering ook gewoon een marktplaats. Je gaat daarheen waar het meest wordt geboden voor je product', zegt Lamers. De specifieke kennis over zijn marktsector speelt ook een rol: 'Nederlandse venture capital firma's weten gewoon niet zoveel van ons domein, developer tools.'

‘Uiteindelijk is de financiering ook gewoon een marktplaats. Je gaat daarheen waar het meest wordt geboden voor je product’

Rick Lamers, Orchest

Lamers en Yerrenet zijn ook aangesloten bij het onlineplatform van Binkhorst, die de fundraising lunches in Nederland organiseert. Dit digitale gedeelte is vooral educatief, zegt Binkhorst: 'Jonge, onbekende start-ups uit Nederland worden in contact gebracht met buitenlandse investeerders en ze leren van Nederlandse ondernemers die hier ervaring mee hebben.'

Angels investors

Binkhorst is niet de enige die jonge start-ups wil helpen aan Amerikaans geld. Zo is er ook een netwerk van 'angel investors': Operator Exchange, opgezet door een groep Nederlanders die in Silicon Valley hebben gewerkt. De angels zijn vaak voormalige ondernemers die kleine investeringen doen.

Ook de Nederlandse investeerder Unknown Group lanceert komend voorjaar een fonds, speciaal voor Nederlandse investeerders of Amerikanen 'met een oranje hart'. Ceo Hendrik Halbe van Unknown wil met dit fonds 'een brug slaan' naar investeerders die pas mee doen bij de eerste serieuze investeringsronde, de zogeheten serie A. 'Wij richten ons op Nederlandse start-ups die voor hun opschaling een duwtje in de rug nodig hebben', zegt Halbe. Zijn nieuwe fonds begint betrekkelijk klein, maar hij hoopt door te groeien naar een omvang van €60 mln tot €100 mln. Halbe's voorbeeld is het Israëlische UpWest, dat in 2012 ook klein begon en nu een flinke aanjager is van de Israëlische techwereld.

En dan is er nog het Nederlandse consulaat in San Francisco, dat al jaren het mentorprogramma 'Holland in the Valley' biedt. Daarin geven succesvolle Nederlanders uit Silicon Valley advies aan ondernemers in hun moederland.

In Amerikaanse handen

De toename van Amerikaans kapitaal in Nederlandse start-ups betekent een flinke impuls voor de snelgroeiende tech bedrijven. Maar het betekent ook dat steeds meer aandelen van Nederlandse bedrijven in Amerikaanse handen vallen, en met de aandelen ook steeds meer zeggenschap. Is dat een probleem?

Niet echt, vindt angel investor Rene Bonvanie. Hij werkte de afgelopen 25 jaar in Silicon Valley bij IT-bedrijf Oracle en Palo Alto Networks, een cybersecurityfirma. Als angel is hij betrokken bij het nieuwe fonds van Unknown, en hij is mentor bij het programma Holland in the Valley van het Nederlandse consulaat. Ten eerste is de verwachting dat de ondernemers die nu profiteren van het Amerikaanse kapitaal op den duur zelf zo succesvol worden dat ze als angel investor weer investeren in het Nederlandse ecosysteem.

Niet alleen financiering

Maar bovenal is 'het belangrijkste dat we het juiste kapitaal bij de juiste mensen krijgen', zegt Bonvanie. 'Het gaat niet alleen om financiering. Een ondernemer wil ook in zee gaan met iemand die de juiste contacten op de Amerikaanse markt heeft, die analisten in dienst heeft voor hulp bij marktonderzoek, en die expertise heeft in de sector waarin het bedrijf opereert. Het zou leuk zijn als dat altijd bij Nederlandse investeerders zou kunnen. Maar vaak dat is niet zo.'

Powered by Wild Apricot. Try our all-in-one platform for easy membership management